‘Iedereen werkt nu
met de deur open’

VERANDEREN SAMENLEVING EN TAKEN, DAN VERANDERT HET GEMEENTEHUIS MEE

Tekst: Richard Sandee

De veranderingen op onder meer sociaal gebied brengen voor gemeenten belangrijke nieuwe taken met zich mee. Dat doet ook wat met de interne cultuur. De ramen gaan open, de buitenwereld komt binnenwaaien. De moderne ambtenaar is een ‘verbindende ambtenaar’.

Marlous Kramer werkt voor de gemeente Haaksbergen als procesregisseur zorg en veiligheid. ‘Een hele mond vol, ik weet ‘t, die functie heb ik zelf mede vorm en inhoud gegeven.’ Ze zag het van dichtbij gebeuren op de werkvloer. ‘Daar kwam een nieuw type ambtenaar binnen, de hulpverlener, zoals ikzelf met mijn achtergrond in onder meer de jeugdzorg. Dat viel op, je merkte wel verschil met de ambtenaren die er al langer zaten, ja.’

Een cultuurclash? ‘Nou, dat is misschien wat sterk uitgedrukt, maar de manier van werken, en ook de omgang, was anders dan men gewend was. Ik liep bijvoorbeeld weleens een kamer binnen waar collega’s zaten te werken met de deur dicht. Iedereen schrok zich rot. Had ik misschien een afspraak? Nee hoor, maar ik heb wel even een vraag. Over die cultuurverschillen hebben mensen het ook met elkaar en daardoor zie je de organisatie veranderen. Nu werkt iedereen hier met de deur open.’


Omwenteling

Open deur of niet: de gemeente verandert. Door nieuwe taken en mensen, maar dat niet alleen. Bertien Houwing was wethouder in Amersfoort. ‘Na de industriële revolutie zitten we nu in de digitale revolutie, daar ben ik van overtuigd’, zo bespiegelt ze om te beginnen. ‘Die omwenteling beïnvloedt ons leven op allerlei manieren. De verzuilde maatschappij met z’n groepen die zich als vanzelfsprekend lieten representeren, bestaat niet meer. Alles is veel individueler geworden.’

Zulke veranderingen moeten een weg vinden naar het gemeentehuis, vindt Houwing. ‘Als ambtenaar dien je immers het publieke belang. Maar hoe leg je nu die verbinding met een samenleving die niet langer overzichtelijk in groepen is ingedeeld? Ga met ze om de tafel. Nodig stakeholders uit en bespreek je plan eens met hen. Of nog beter, doe zelfs een stap verder terug. Maak er een open uitnodiging van om te horen: wat past er bij deze wijk als het gaat om wijkteams, groenvoorziening of wat dan ook.’

Veel gemeenten hebben inmiddels ervaring met dit soort participatie. De eerlijkheid gebiedt er wel bij te zeggen: volgens bewoners is het nog niet altijd een daverend succes. Een veelgehoord punt van kritiek is dat de gemeente – of het Rijk – toch al heeft besloten wat er moet gebeuren. En dat het dus fopinspraak is. ‘Natuurlijk ís het ook zo dat er in een democratie wetten bestaan en dat er besluiten zijn die vastliggen’, zegt Houwing. ‘Transparantie daarover is belangrijk. En ja, experimenteren gaat niet altijd goed. Maar we moeten wel, want het huis van Thorbecke ondergaat een verbouwing de komende tijd.’


‘Experimenteren gaat niet altijd goed’

Bertien Houwing

‘Ik maak zichtbaar waarmee ik bezig ben’

Marlous Kramer

Concrete afspraken

Kramer gaat uiteraard niet met alle inwoners van Haaksbergen bespreken hoe ze haar werk moet doen, maar wel met de mensen die het aangaat. ‘Ik heb ze er altijd bij zitten, voor zover het kan natuurlijk. Net als de schuldhulpverlener, de psychiater of de politie. Dat doe ik omdat ik bijvoorbeeld niet wil lullen in de ruimte over de AVG, maar tot concrete afspraken wil komen. Wil iemand geholpen worden, wat is daarvoor nodig, geeft die persoon daarvoor de vereiste toestemming? In mijn ervaring is dat laatste trouwens altijd het geval bij mensen die zelf hulp willen.’

Achter de functiebenaming van Kramer gaat veel ellende en onvermogen schuil, dat zal duidelijk zijn. ‘Het gaat over de mensen die uitvallen, zo zou je het kunnen noemen. Kinderen uit probleemgezinnen die niet op school verschijnen, radicalisering, verwarde personen.’ Vaak speelt er meer dan één probleem, wat Kramer in contact brengt met de andere disciplines. ‘De eilandjes. De bewindvoerder kijkt alleen naar de financiën, verslavingszorg naar de verslaving, dat kom ik nog wel veel tegen.’


Verbinden

Dat is dan ook zo’n beetje het centrale idee achter de decentralisaties: dat gemeenten in staat zouden zijn die eilanden met elkaar te verbinden via één plan. En dat klopt, zegt Kramer. ‘Het gebeurt nog niet altijd, dat weet ik, maar het is wel wat ik dagelijks doe. Dat werkt echt en is heel mooi om te zien.’ Hoe dan? ‘Bijvoorbeeld: ik kreeg te maken met een gezin waar schoolverzuim speelde en dat ook bekend was op andere plekken. Normaal gaat er dan een melding naar de leerplichtambtenaar, die kan waarschuwen en boetes opleggen. Maar werkt dat in dit geval?’

Kramer neemt niet de Leerplichtwet als uitgangspunt. ‘Ik vraag eerst altijd gewoon: wat is er aan de hand, waardoor gaat dit niet goed? Ze hadden geen geld voor fietsen om op naar school te gaan. Nou daar kunnen we bij helpen, dus voor dat gezin hebben we fietsen geregeld.’ Maar de gemeente speelt niet alleen maar de barmhartige Samaritaan. ‘Dan schakel ik bijvoorbeeld óók een ambulant werker in, die om zeven uur ’s ochtends even controleert of iedereen uit bed is. Dat werkt goed, beter vaak dan gesprekjes op kantoor.’

Verandering krijgt op deze manier vorm, maar gemeenten zijn nog niet klaar, en er komt veel op ze af de komende jaren. De cultuurverandering die is aangejaagd door de grote decentralisaties, zal alleen maar meer ambtenaren bereiken. Niet iedereen begeeft zich in de frontlinie zoals Kramer, veel medewerkers hebben hun baan gewoon op kantoor. Oud-wethouder Houwing juicht daarom initiatieven toe zoals een jaarlijks uitje waarbij de kantoortijgers oog in oog komen met hun beleid of projecten. ‘Zo zijn er allerlei voorbeelden om kennis te maken met de dagelijkse praktijk.’

Wat Kramer ook doet, is veel mensen in de cc van haar e-mails zetten. ‘Zoals de beleidsmedewerker die misschien niet per se bij een vergadering aanwezig moet zijn, maar daar wel zaken zou kunnen opsteken. Zo maak ik in ieder geval zichtbaar waarmee ik bezig ben, dat kan de belangstelling wekken. En op een dag zegt die beleidsmedewerker misschien: weet je wat, volgende keer ga ik eens met je mee.’


Toolkit voor uitvoerders in het sociaal domein.